Als mondhygiënist of tandarts-waarnemer sta je op een gegeven moment voor de keuze: blijf je in loondienst, of ga je zelfstandig aan de slag. Er is geen goed of fout antwoord. Het hangt af van wat je belangrijk vindt en in welke fase van je carrière je zit. Wat verandert er precies als je de stap naar zzp-schap zet?
Vrijheid en flexibiliteit
Als zzp’er bepaal je zelf bij welke praktijken je werkt, hoeveel dagen je draait en welke behandelingen je wel of niet doet. Je kunt bij meerdere praktijken tegelijk werken, je agenda schuiven en zelf beslissen of je een dag extra vrij neemt. In loondienst ligt dat vast in een rooster en een arbeidscontract. Voor de een is dat rust, voor de ander een beperking.
Die vrijheid heeft een keerzijde: je bent zelf verantwoordelijk voor het vullen van je agenda. Geen praktijkhouder die voor je regelt dat je genoeg werk hebt. Je moet zelf praktijken vinden, afspraken maken over je honorarium-percentage en je eigen planning bewaken.
Inkomen: meer potentieel, minder garantie
Op papier verdien je als zzp’er vaak meer per gewerkt uur dan in loondienst. Je factureert een honorarium-percentage over de omzet die je draait, zonder dat een werkgever daar een marge op de vaste kosten van doorrekent naar je salaris. Maar dat hogere tarief is bruto: er staat geen vakantiegeld, geen dertiende maand en geen doorbetaalde vrije dag tegenover. Reken dus niet je uurtarief zomaar om naar een salaris, maar zet het naast wat je netto overhoudt na belasting en reserveringen.
Zekerheid: wat je zelf moet regelen
Dit is het punt waar de knoop vaak wordt doorgehakt. In loondienst krijg je bij ziekte je salaris doorbetaald en bouw je automatisch pensioen op via de werkgever. Als zzp’er val je bij ziekte terug op wat je zelf hebt geregeld, en pensioen bouw je alleen op als je daar zelf voor kiest en voor spaart. Denk aan een arbeidsongeschiktheidsverzekering en een eigen pensioenpotje. Een goed overzicht van wat je als zzp’er zelf moet afdekken vind je in verzekeringen voor zzp in de mondzorg.
Ook je inkomen zelf is minder voorspelbaar. Een rustige maand, een praktijk die stopt met werken of een periode waarin je geen invalwerk vindt, raakt direct je omzet. In loondienst blijft je salaris gelijk, ongeacht hoe druk het is.
Administratie en belasting
Als zzp’er kom je zelf te staan voor de administratie. Je houdt je omzet per praktijk bij, stuurt facturen, doet btw-aangifte als dat van toepassing is en houdt geld apart voor de inkomstenbelasting. Dat laatste is een punt waar startende zzp’ers vaak op struikelen: het honorarium dat binnenkomt is niet je netto inkomen. Een deel gaat naar de belasting. Hoeveel je opzij zet, hangt af van je totale inkomen en aftrekposten, dus laat een boekhouder meekijken. Een richtlijn en rekenvoorbeeld vind je in belastingreserve: hoeveel zet je opzij.
Daar staat tegenover dat je als zelfstandige recht hebt op ondernemersaftrekken, zoals de zelfstandigenaftrek en de mkb-winstvrijstelling, die je belastbare inkomen verlagen. In loondienst betaalt de werkgever de loonheffing en hoef je zelf niets te reserveren of aan te geven, maar profiteer je ook niet van die aftrekposten.
Schijnzelfstandigheid: let op de invulling
Werk je als zzp’er structureel voor één praktijk, op vaste dagen, volgens de instructies van de praktijkhouder en zonder dat je zelf ondernemersrisico loopt, dan kan de Belastingdienst dat aanmerken als een verkapt dienstverband. Dat heet schijnzelfstandigheid, en het raakt zowel jou als de praktijk. Werk daarom met een heldere overeenkomst, factureer op basis van je eigen ondernemerschap en zorg dat je ook voor andere opdrachtgevers werkt of kunt werken. Meer over hoe je dat vastlegt lees je in zo begin je als zzp’er in de mondzorg.
De praktische kant: hoe houd je het overzichtelijk?
Kies je voor zzp-schap, dan is het belangrijkste dat je grip houdt op je omzet en je honorarium, zeker als je bij meerdere praktijken werkt. Een paar punten om bij stil te staan:
- Meerdere praktijken, meerdere percentages. Elke praktijk kan een ander honorarium-percentage hanteren. Houd per praktijk apart bij wat je draait.
- Facturatie hoort structureel te zijn. Losse velletjes of een wisselend format werken niet mee bij een controle of bij je eigen overzicht.
- Reserveer maandelijks, niet achteraf. Wie pas in maart geld opzij zet voor de belasting, komt vaak te laat.
- Verzeker jezelf voordat je begint. Arbeidsongeschiktheid regel je niet achteraf.
Voor dit laatste stuk geldt: je houdt per praktijk je omzet bij, DentalFact rekent automatisch je honorarium uit op basis van het afgesproken percentage en zet er een factuur-PDF onder. Versturen doe je vanuit de app of zelf, innen doe je nog altijd zelf, maar het rekenwerk en overzicht zijn geregeld. Benieuwd hoe dat werkt? Bekijk factureren op percentage of hoe je je eerste factuur maakt.
Kies je voor zzp, dan komt de administratie erbij die een werkgever eerder voor je deed. Het deel rond omzet en facturen is daarvan het makkelijkst te regelen.